14. okt, 2020

Het verdwenen goed.

 

Van af 1960, toe ik 16 jaar was, hebben de veranderingen in een snel tempo plaatsgevonden. Bij de opkomst van de tractor verdeen het werkpaard en in plaats van de dorskast verschenen de maaidorsers en balenpersers. Aardappels en bieten werden machinaal gerooid. Tegelijk verdwenen de graanteilen, de korenmijten en de hooioppers. Dat was de eerste inzet van de mechanisering. Deze verandering is ook de inzet geweest van de achteruitgang van veel diersoorten, insecten, vlinders rupsen en vogels. Het totale evenwicht werd zeker verstoord door de mechanisering in de landbouw. Door de schaalvergroting van de veestapel hadden de boeren een teveel aan drijfmest. Dat moest vanwege de uitstoot van te veel ammoniak (de veroorzaker in de jaren negentig van de zure regen) door de regelgeving worden geïnjecteerd. Het maaien van de enorme grote percelen grasland gebeurt vroeg in het voorjaar en met een dergelijke snelheid dat oude en jonge dieren, maar ook vogels die daar hun nesten hebben gebouwd geen schijn van kans hebben om dit te overleven. Ze worden letterlijk vermalen tot gehakt. Door de uitstoot van ammoniak moesten ook de koeien op stal blijven en werden het prikkeldraad en de weidepalen weggehaald. Dat kwam de boer goed uit met het maaien van het gras en het oprapen om daarna weer te kunnen injecteren met drijfmest en zo gebeurd dit 5 keer per jaar. Dan haalt de boer in het najaar daar de gifspuit noch eens overheen voor het verdelgen van de emelten (Dit zijn de larven van de langpootmug, allemaal voer voor veel vogels, mollen en muizen). Dus geen aantrekkelige verblijfplaats voor dieren en vogels. Het moderne grasland is omgetoverd tot volledige biljardlakens. De rest van de akkerbouw is al niet veel beter ook hier heeft de schaalvergroting en mechanisering gezorgd voor veel schade in het totale ecosysteem. Het bouwland wordt ook hier bewerkt met enorme reusachtige machines, volgepropt met drijfmest, en dan de gifspuit er overheen, gevuld met een middel dat moet zorgen dat er geen onkruid groeid (nou ja onkruid, plantjes die de boer niet wil). Als het gewas er dan eenmaal groeit, komt de gifspuit weer terug om het ongedierte, de insecten te verdelgen. Dus weg voer voor vogels. Dan gaan de vogels maar opzoek naar ander levend voer en komen ze uit bij de vele eikenbomen die er staan. Daar wemeld het in het voorjaar van de spanrupsjes, eikenprocessierupsjes en nog veel meer insecten. Die dan door kool, pimpel en matkopmezen, maar ook boomklevers, spechten, kwikstaarten, vliegenvangers, vinken, tapuiten, kauwen, lijsterachtigen en spreeuwen in grote aantalen aan hun jongen worden gevoerd. De koekoek en de wielewaal eten de processirupsen ook wel met huid en haar. De meeste vogels voeren hun jongen met de kleine groene spanrupjes.

Maar ook daar komt jaarlijks de gifspuit langs.

Nu is de overheid de boosdoener. Jarenlang hebben de boer en de overheid het gezonde ecosysteem verstoord door allerlei ingrijpende maatregelen. Wat is hier gebeurd? in een gezond ecosysteem, met veel soorten die elkaar in het gareel houden krijgt één soort minder kans om erg tarijk te worden. En dat is nou juist wat hier is gebeurd.50 jaar geleden had men nog nauwelijks van de processierups gehoord maar door steeds meer gifstoffen te gebruiken is het aantal vogels, muizen, wespen, sluipwespen en vleermuizen minder geworden. (allemaal door de mensheid opgeruimd) Dit waren de verdelgers van de processierups en nu heeft deze rups zich zo enorm kunnen uitbreiden dat ze anno 2019 volgens de gecertificeerde bedrijven niet meer beheersbaar is. De bestrijdingbedrijven zeggen het niet meer te kunnen bijbenen (uiteraard). Die zijn er zo van verzekerd dat ze ook volgend jaar weer voldoede opdrachten hebben. Maar door tijdens het broedseizoen grootschalig bespuitingen uit te voeren raken de vogels hun voedselbron kwijt. Bovendien zitten in de bomen niet alleen processierupsen, maar wemelt het er ook van andere insecten, die eveneens het loodje leggen. Een jaarlijks terugkerende bron van ergenis is als de semi overheid de eiken heeft gespoten. Enkele dagen daarna liggen dan de jonge vogels dood in de nesten/nestkastjes. En dan is de vraag: zijn die gestorven van de hoger, omdat er geen levend voedsel meer is, vergiftigd door het bestrijdingsmiddel (Xentari of ten gevolgen van het voederen van de dode insecten die half verrot, makelijk vindbaar voor vogels onder de bomen liggen. (voedselvergiftiging)? Het gaat volgens mij dus om vergiftiging. Achter op de spuitwagens hangt een bord met de tekst "biologische processierupsenbestrijding ". Daarmee krijgen mensen het idee dat het geen kwaad kan. Maar het tegendeel is waar. Want wat wordt bedoeld met biologisch? Bij biologische bestrijding wordt een middel gebruikt dat na 10 dagen afbreekbaar is, nadat het zijn werking heeft gedaan. Het is dus gewoon giftig.

Xentari.

Is een bacteriepreparaat van sporen en kristallen banbacillius thuringiensis. ( is nauw verwant aan de mildvuurbacterie) Dit preparaat bevat sporen van bacteriën. Deze scheiden in de rups gifstoffen af waardoor de rups ophoudt met eten en na enige dagen te gronden gaat aan het gif. Vogels die geïnfecteerde rupsen eten of massaal aan hun jongen voeren worden zoo vergiftigd en gaan eveneens te gronden aan het gif.

© All rights reseved: Ornitholoog/Natuurfotograaf en Auteur.

Theo van de Mortel.